“De Potvis van Guust Bonte”

 

 Een verhaal van Willem de Feijter

Jaarboek 1992 

Foto de van aangespoelde potvis
Foto de van aangespoelde potvis

Naar aanleiding van een stukje uit de Terneuzense Courant over de wonderbare vangst in 1914, van een jonge potvis door schipper August Bonte, die toen woonde op de Bouchautse Haven, bij de Isa­ bellasluis heeft J. Cornelis (ons welbekend) een gesprek met hem gehad in het bejaardenhuis ”Emmaus” te IJzendijke, eind jaren zes­ tig, waar de oude mosselvisser, toen reeds 88 jaar oud, van een wel­ verdiende rust genoot!

 

Hij kon zich het hele gebeuren nog helder voor de geest halen en met smaak erover vertellen, maar ook met spijt, dat de “ele af­ faire” hem niet de winst had opgeleverd, die enkele slimme vogels uit de streek, wel in hun zakken hadden gestoken! Guust Bonte had alle moeite gehad, om de potvis uit de handen te houden van zijn legendarische (beruchte?) collega J. Doppegieter, uit Terneuzen. Maar toen hij dan, met zijn vreemde vangst, van 9 meter lang en vele honderden kilo’s zwaar in zijn thuishaven arriveerde met zijn schip, de PI 50, liep de hele buurt van D’aovende uit, verbaasd en nieuwsgierig.

 

Schipper Bonte klampte een colporteur aan, van de Gentse gazette “De Landwacht” om het nieuws wereldkundig te maken en dat iedereen tegen betaling van een “kluit”, het monster mocht komen bekijken. Hij verwachtte er zelf niet zoveel van, maar de toe­ loop was enorm!

 

Honderden en honderden betaalden graag de toegangsprijs om het beest te bekijken, achter het opgespannen zeildoek aan de kade, Het werden een paar goede dagen voor hem en de cafébazen. Maar de potvis begon al gauw dusdanig te stinken, dat Guust er wel van af wou!

Er daagden twee liefhebbers op, om het kadaver te kopen, twee bekenden in de grensstreek, een zekere Maurice de Clerck, paarden­ handelaar en Guust Veire, paardenslachter. Beiden ook “commersanten” in zeer gevarieerde goederen!

 

Guust Bonte verkocht het spek aan de eerste voor een  habbekrats en het geraamte aan de tweede, voor 50 frank (dat was toen ongeveer f.25,-) Maar er kwam slaande ruzie van tussen de beide kopers, ze stonden op de kade met de messen tegenover elkaar, omdat de Clerck ook meende recht te hebben op een deel van het geraamte, omdat hij de potvis met drie pony’s op de kant had ge­ trokken. Schipper Bonte had de grootste moeite om de kemphanen te scheiden.

 

Uiteindelijk, mocht de Clerck zijn spek er afhalen en kookte er honderden liters traan van, die hij later tijdens de oorlog (1914- 1918) toen er zo’n schaarste kwam aan vet, voor goudgeld heeft verkocht.

 

Bonte had nog maar net h e t geraamte verkocht aan Veire, die dit in opdracht van brouwer Hoorebeke uit Assenede had gekocht, die het in zijn tuin wilde opstellen, toen er iemand van het Zoölogisch Museum van de Antwerpse dierentuin kwam en hem er 3000 frank voor bood! Schipper Bonte, viel bijna achterover van verbazing en spijt. Onderhandelingen met Veire mochten niet meer baten en Bonte als eerlijk man, wilde zijn gegeven woord gestand doen.

 

– En zo viste hij a c h ter het n et! –

 

Bronvermelding: Oost Zeeuws-Vlaanderen “Nu en Toen” – J. de Vries.

:Kluit = Belgisch muntstuk van 10 centimes, of van Scent, dus ’n stuiver Nederlands.

Commersanten (Frans) = Handelaars.

 

 

Meer lezen? Klik hier om onze andere verhalen te bekijken! 

 

Klik hier om onze andere verhalen te bekijken!